Laatste Nieuws
Home - Nieuws uit Nieuwpoort - kinderen verstoren ingetogen mars van respectvolle voetbalfans

kinderen verstoren ingetogen mars van respectvolle voetbalfans


Brussel, 27 maart 2016. – P. Terryn
Het was nog vroeg in de ochtend toen ik op deze paaszondag de eitjes in de tuin had verstopt en – met mijn lieftallig vrouwtje aan mijn zij – toegekeken hoe onze onschuldige en dartele kinderen al huppelend rondliepen om ze te zoeken. Het was zo lief en ontwapenend en met dat laatste woord in gedachten, herinnerde ik me de barbaarse aanslagen eerder deze week. Ik was natuurlijk nog geschokt door die aanslagen en toen mijn maat van den Antwerp me toevallig belde kwamen we spontaan tot de ingeving om naar Brussel te gaan en ons eer te betuigen aan de slachtoffers en te marcheren tegen terreur en IS. Ik voelde me ook persoonlijk geviseerd door IS; nog maar twee maand geleden had ikzelf de metro eens genomen in Brussel en we hadden al een vlucht geboekt om deze zomer naar Benidorm te vliegen met de kids. Ik was dus tamelijk slecht gezind. Mijne maat, de Çois, stelde voor om nog wat gasten van de voetbal uit te nodigen, ook van andere clubs en we zouden dan samen gaan, na eerst wat pannenkoeken te hebben gegeten in het clublokaal. Ik vond dat een goed idee en stelde voor onze colors af te leggen en onopvallend gekleed, helemaal in het zwart ten teken van rouw, naar Brussel te trekken. Het zouw een ingetogen mars worden waar heel België met trots naar zou kijken. Zo gezegd, zo gedaan. Mijn lieftallig vrouwtje maakte een lunchpakket klaar. Zij bleef thuis met de kids. Het was tenslotte Paaszondag en ze moest later nog naar de kerkdienst. Ook mijn maten hadden beslist hun lieftallige vrouwtjes thuis te laten. We wilden een stoere optocht onder mannen. Maar wel ingetogen en respectvol, dat wel. Nog maar pas op de trein naar Vilvoorde, hadden we al zin onze boterhammetjes op te eten en onze sunkist leeg te drinken. Maar dat vond onze leider te vroeg. Dus hebben we het stiekem gedaan. Toen we na een vermoeiende en lange treinrit eindelijk in Vilvoorde aankwamen, vonden we daar onze vrienden terug die we al lang niet meer gezien hadden: Didier van Standard die me twee weken geleden nog vrolijk op mijn kinnebakkes had geklopt, Francis die ik kende van de Pegida-betogingen, Atilla van de Grijze Wolven. Het was een vrolijk weerzien met dat bont gezelschap en er werd fel geknuffeld en op elkaars schouders geklopt. De mijne was onmiddellijk ontwricht. Omdat we onze boterhammen en drankje al ophadden, sprongen we met zijn allen snel een nachtwinkel binnen om onze voorraad aan te vullen. De uitbater leek niet zo blij met onze komst, misschien omdat we geen gepast geld hadden en ook niet met de kaart konden betalen. Toen we zeiden “dat hou je nog te goed,” leek hij ons niet te vertrouwen. Dat heb je met die buitenlanders natuurlijk: die zijn niet zo gastvrije als wij Belgen. Al snel vonden we ook onze Kameraden bij de politie terug en konden we het laatste deel van onze uitstap aanvatten: Brussel Noord! Het zou een blij weerzien worden. Daar aangekomen en na nog wat wafels verorberd te hebben, ging het met gepaste trots en bijzonder ingetogen, zingend, roepend en bier drinkend naar de Beurs. We hadden er leute in. Na ongeveer een half uur gerouwd te hebben, vonden we het welletjes. Maar gelukkig kwam ons einddoel in zicht. Waar we echter niet op gerekend hadden: de weg werd versperd door hippies en gezinnen met vervaarlijk uitziende kinderen die alras de trappen bezet hadden en een barricade hadden opgeworpen van bloemen, kaarsen en tekeningen. Ze wilden ons duidelijk het recht ontzeggen op onze eigen, respectvolle manier uiting te geven aan onze afschuw van IS, terrorisme, moslims, vreemdelingen, uitschot, hippies, links krapuul en zo meer. Dat was buiten de solidariteit gerekend. Nadat de Çois, Didier, Atilla en ik hier en daar wat klappen had uitgedeeld, konden we ons een weg banen door de barricade van bloemen en kindertekeningen naar de trappen van de Beurs. Daar aangekomen zongen we gepast en bijzonder stil en ingetogen wat voetballiederen zo van “Olé, olé, olé, olé,” je kent dat wel. Ik zag aan de overkant nog Dries en wat maten van AA Gent en maakte mijn maten daar attent op. Samen staken we onze arm op om ze te begroeten. “Zie gij,'” riepen we, “Zie gij, zie gij!” En ze zagen ons. Toen kregen we het wat te warm en kwamen onze vrienden van de politie ons afkoelen met hun waterkanon. Onze bierblikjes waren leeg, we hadden lang genoeg gerouwd en het werd tijd om terug naar huis te gaan. Ik wilde ook graag op televisie zien hoe goed en ingetogen we het er vanaf hadden gebracht. Vermoeid maar tevreden keerden we huiswaarts. ’s Avonds keek ik met mijn lieftallig vrouwtje en de kids naar het journaal en daar stond ik op de trappen van de beurs mijn eer te betuigen aan de slachtoffers van terreur. “Ik vond u toch schooner met nog wat haar,” zei mijn lieftallig vrouwtje plagend. Maar na een boks op haar rechteroog was ze al van gedacht veranderd. Zo werd het toch nog een mooie dag